vrijdag 17 juni 2011

Sweet fandango

I drove out at night
and I looked at the sky
it looked like a mountain-range
and all my life felt changed

If we had mountains and hills
and we had climbing skills
we'd be fond of far horizons
and we'd let bygones be bygones

      This is a land we didn't know
      a new reality on show
      you can be free
      I can be me
      mountain tango
      sweet fandango

We could have a better time
we could write superior rhymes
if our landscape wasn't flat
and our minds were not like that

going up and going down
from high village to low town
we might like the world much better
free from nationalism's fetters

      refr.


16/6/11

donderdag 16 juni 2011

Lijkrede voor ex-schoonvader Frans Verstraeten

Dit is het verhaal van Frans Verstraeten, "de schone Frans", die gaandeweg "den bompa" werd.
Vreemd genoeg is dit zijn twééde dodenmis. Bij het begin van de oorlog was hij, als zeventienjarige, zoals zovele anderen, naar Frankrijk gevlucht. Wij herinneren ons nog zijn wijdlopige verhalen over Perpignan en omgeving. Later kwam hij terug naar België, waar hij 3,5 jaar nadien opgevorderd werd om te gaan werken in Duitsland. Na een eerste verblijf daar is hij op verlof hier ondergedoken en heeft lang voor iedereen, zelfs zijn naaste familie, verborgen gezeten. Om toentertijd het prentje volledig geloofwaardig te maken werd voor hem een echte dodenmis opgedragen, dus is het vandaag effectief zijn tweede keer.
Frans zijn vader stierf jong dus moest hij als veertienjarige al uit werken gaan als bakkersgast te Berchem. Daarnaast was hij graag in de weer op het veld want hij hield van de natuur en al wat groeit en bloeit. Na de oorlog, toen hij van de herwonnen vrijheid genoot na het penibele onderduiken, kwam hij bij een bioscoopbezoek in Boechout, Julia tegen die de vrouw van zijn leven zou worden. Er volgden romantische wandelingen in de toenmalige dreef die nu de Nieuwe Lei heet. Het was hun grote droom dààr ooit te kunnen wonen en dat is hen mettertijd gelukt wat hem bijzondere voldoening schonk.
Hij kon, na het werk bij Gevaert, urenlang bezig zijn in de tuin tussen groenten en fruit, kippen en konijnen waar hij alles van kende. Twee kinderen werden geboren wat hem met grote vreugde en trots vervulde.
Overal waar mensen samen zijn was hij te vinden en in het sociale leven stonden Frans en Julia op de eerste rij: de bodega, de kaartclub, de reisclub, ziekenzorg, het zangkoor, atletiek en het voetbal waar hij op zijn eenenzestigste nog een laatste wedstrijd speelde. Wij herinneren hem ons temidden de mensen aan goedgevulde tafels met een stevig glas voor zich, genietend van een sigaret, honderduit pratend.
Zijn huis stond altijd open, het was de zoeten inval, iedereen was welkom. Met Nieuwjaar leek het telkens weer of er was een extra café open in Mortsel bij de Verstraetens. Maar het was veel meer dan dat: vaak werd het huis voor lange tijd, soms zelfs jaren, opengesteld voor familie of vrienden in nood die dan bij hen introkken en waarmee lief en leed gedeeld werd. Dat is de ware gastvrijheid, dat is écht delen en mee de last van de ander dragen zonder in de eerste plaats aan zichzelf te denken.
De laatste tien jaar was er de intense genoegdoening om de kleinkinderen Nina en Robbe. "Het beste wat ons ooit had kunnen gebeuren" zegde hij dikwijls en die twee liepen hem constant door heel de tuin achterna en leerden zo iets te planten en te verzorgen.
De laatste jaren was er dan de neergang, het langzame wegglijden, het alzheimeren zoals ze nu zeggen. Wij zijn blij dat wij hem thuis konden houden en verzorgen, hoe moeilijk dat bij momenten soms ook was. De balans is voor ons positief en heeft ons veel geleerd en rijker gemaakt en tot op het eind was er altijd volk over de vloer, zoals vorig jaar bij het vijftigjarig huwelijksjubileum van Frans en Julia, of dit jaar bij Robbe's eerste communie. En zo zullen wij hem blijven zien: tussen de mensen, lachend, voor iedereen openstaand en nooit klagend.
Frans, schone Frans, wij zullen je nooit vergeten. Wij kúnnen je nooit vergeten.

(het volgende maakte ik voor het bidprentje)

In géén tijd kon het gebeuren
dat we je s'ochtends wasten
en plots was jij er niet meer.

Nu hebben wij alle tijd van de wereld
om aan jou te denken
in jouw wereld zonder tijd -
maar stil nu ...
alles is zo goed geweest.


28/9/01

Stasis

I walk to the pub
and shout 'bottoms up'
the waiter's a friend
right up to the end
I read all the papers
I'm comedy capers
everyone knows me
tho' some do disown me

     Stasis Stasis
     mock oasis
     without water
     satan's daughter
     Stasis

I joke with the girls
as I've travelled the world
they know I'm well-read
but they won't share my bed
I banter with children
sometimes they're bewildered
by the man with the books
so they shoot him strange looks

      refr.


15/6/11

dinsdag 14 juni 2011

Baffled by beauty

Ik maakte een bezadigde lentewandeling door de laantjes en dreven van mijn dorp, waar ik ook al 45 jaar geleden zoveel ronddoolde en eens te meer was ik verbluft door de schoonheid van sommige stukken van het dorp en het land eromheen, over andere stukken zullen we zedig zwijgen. Ik kon niet anders dan er een tekst over maken maar was van de eerste versie niet echt tevreden zodat er een tweede volgde, ik geef ze hier achtereen. Het refrein blijft hetzelfde.


I walked beneath the shelter of trees
and looked at all that had been
and fortunately still is
in this small inlet of bliss
we live in peace and harmony
we are sheltered and protected
as we dream in peace and harmony

      I was gladdened and soothed
      I was baffled by beauty
      by everything you did
      and by all the world hid
      it unmade me and made me
      feel baffled by beauty

I know there's all the TV series
full of violence and blood
I can't take it, it's too eerie
and I don't think that we should
see life just as calamity
we need shelter and protection
from hatred and mean enmity


       refr.



It can be the slant of the sunlight
or the deepest green of the hedges
the stars in heaven are just right
as recorded in Saint Peter's ledger
we live in this blessed small village
that for ages has never been pillaged
so we live and we love in the village


        refr.



Versie 2

This was my place and my ground
this was where it all began
here I got lost and was found
this is what I was and am

I write and rip my heart out
to get at some small truth
about this place, this hide-out
where I lived the rough, the smooth


      refr.

Sometimes I dream of dying blindly
in the future or the sunset
I would forget myself and kindly
treasure all the girls I've met

I'd add up all their virtues
and compare them to the village
where I grew up a lone youth
but our place was never pillaged

     refr.

Oh and all the splendour of the trees
the quiet beauty of the lanes
all the past and what it means
I love it but the words are vain

the tenderness, the taste of youth
the wonder of where we grew up
in landscapes deeper than the truth
oh come, and let me fill your cup

      refr.

12 en 13 juni 2011

zaterdag 11 juni 2011

Rede bij de asverstrooiing van Fernand Mariën

Mijn vriend Fernand overleed aan kanker in juni 2000. Een maand later kwamen een aantal mensen bijeen om de asvertrooiing bij te wonen in het vlekje Vaux, deelgemeente van Malaucène op de flanken van de Ventoux. Wij hadden "en petit comité" samengezeten om een werkwijze uit te stippelen en er werd besloten dat ik de ceremoniemeester zou zijn. De as zou uitgestrooid worden op een stuk land net buiten het dorpje dat aan Fernand toebehoorde en waar hij ooit een camping had willen uitbaten maar de gemeente was hem met dat plan niet gevolgd. Daar aangekomen bleek al snel dat de procedures zoals wij die gepland hadden door allerlei toevalligheden onuitvoerbaar waren dus moest ik constant improvizeren en bijsturen wat stresserend was vermits ik ook nog de slotrede voor Fernand zou uitspreken. Mijn zevenjarig petekindje Robbe zou de asse uitspreiden maar terwijl hij daar mee bezig was daagde bij die kleine plotseling het besef van wat hij eigenlijk aan het doen was en hij barstte in hartverscheurend huilen uit en moest door zijn mama en zusje getroost worden. Hij had ome Fernand goed gekend en was erg op hem gesteld geweest. Vlak voor ik de lijkrede zou uitspreken speelde een Nederlandse vriend van Fernand Jacques Brel's Voir un ami pleurer en toen hij bij de laatste strofe kwam stokte hij en barstte letterlijk in tranen uit; nooit tevoren had ik zo duidelijk gezien dat die uitdrukking gewoon klopte. Toen was het aan mij en ik wist dat ik het moeilijk zou krijgen indien al niet in de onmogelijkheid zou zijn af te ronden als ik de tekst op de juiste, gevoelige ingetogen manier zou brengen. Dus overschouwde ik de kleine menigte vrienden en dorpsgenoten en blafte als het ware de woorden - het deed me aan een drill-sergeant op een leger-oefenterrein denken maar ik kon niet anders en zelfs zo had ik moeite om het einde te halen. Toch wou bijna iedereen achteraf copieën van de speech en ik was dan toch nog trots op mijn werk, dat nu volgt en sorry voor het primitieve Frans.

Mes amis,
on est ici pour dire adieu à Fernand, mais il est vrai que l'amour c'est de ne jamais se dire adieu pour toujours. Chose difficile aujourd'hui.
Je me rappele que quand Fernand vivait encore à Puymeras et qu'il venait de s'acheter ce terrain, qu'il m'a amené ici à plusieurs reprises, et chaque fois il pointait au petit cimétière charmant à l'autre coté de la vallée à travers la Toulourenc en disant que c'était là qu'il voulait se reposer après sa mort. Tout ça était donc bien avant son cancer soit découvert.
Il a du changer d'avis, j'ignore pourquoi, mais de toute façon il a décidé de rester dans le coin.
Bon, c'était donc ici, sur cette dernière terre de sa vie, son ultime endroit, qu'il comptait faire son petit camping mais là aussi on lui a pas facilité la chose, comme ça c'est d'ailleurs passé souvent pour lui.
Fernand était un type méticuleux, il suffit de regarder ce qu'il a fait de sa maison, et il savait vraiment faire un tel nombre de choses que ça me donne le vertige à énumerer tout ce qu'il a fait ou  tenté de faire dans les trente années ou plus que j'ai eu la chance de le connaître. L'autre jour j'en discutait avec Kris De Roover et il me disait que, quand-même, le cercle était bien complet. Il paraït que, encore très jeune, Fernand avait rencontré un Suisse qui avait eu l'idée d'une sorte de randonnée avant la lettre. Ca lui avait fascinée et apparament l'idée lui avait jamais quittée jusqu'au moment qu'il l'a réalisée ici avec les Canadiens. Et enfin c'était le succès, ça marchait. Ca fait bien de savoir que sa dernière création continue à donner du plaisir à un tas de gens et même si Fernand n'est plus là pour la recolte il a tout de même laissé trace.
Fernand, c'était un type qui soignait ses amis. A Puymeras je passait souvent une semaine avec lui et à la fin de mon séjour il fallait bien que je l'appelais Maman Fernand ou Mère Mariën. C'était à l'époque qu'il faisait la parachute et le deltaplaning, choses qui me faisaient peur et que je n'aurai jamais osé de tenter. Quand je lui avouais ça il m'a répondu: comme toi j'ai peur et je fais tout ça avec un tout petit coeur nerveux mais il me faut vaincre mon angoisse, il me faut maîtriser le courage. Eh bien, mes amis, c'est exactement ce qu'il a fait, et ce courage il en a eu bel et bien besoin ces dernières années, ces ultimes mois.
Et oui, il était courageux et se plaignait guère, ce n'était pas un homme sentimental et la plûpart du temps il a choisi de souffrir seul, comme un éléphant moribond qui n'aspire qu'à la solitude avec pour unique témoin de sa redoutable douleur sa femme Fatima qu'on ne pourra jamais remercier assez pour tout ce qu'elle a faite et subie pendant cette longue période de détresse.
Et de notre façon, nous tous, on a passé depuis ce quinze juin fatidique un mois de solitude, de réflexion, de manque entre sa mort et ce jour-çi ou on se trouve ensemble pour cette petite cérémonie. En effet, une période de deuil c'est bien classique et je suis convaincu qu'il y a plusieurs entre nous qui sont croyants d'une façon ou d'autre et qui ont eu le soulagement de la prière ou l'espoir d'une vie à venir. Les autres, comme moi, ont du se débrouiller. Et ce mois de souffrance, de douleur, du vide qui devrait nous permettre d'accepter l'inacceptable, de supporter l'insupportable nous a peut-être servi pour nous confronter encore une fois avec la question; qui était Fernand ? Mari, amant, ami, frère, fils, copain au sens d'humour ironique mais bénévole et avec le coeur si tendre et vaste.
J'ai commencé en disant que l'amour c'est de jamais se dire adieu pour toujours, mais ça, ça concerne les vivants, pour nous ici aujourd'hui c'est une autre histoire parce que, franchement, on est là pour dire adieu à jamais et pour ceux qui croyent en une âme qui survit il faut bien avouer qu'elle a une destination tout autre que la nôtre. Elle prends la voie des profondeurs inconnus d'un univers incomprehensible pendant que nous devons célébrer dans nos coeurs la mémoire de cet ami si aimable qu'était Fernand. Soyons silencieux pour quelques instants en saluant ce courageux compagnon de route qu'on a eu la chance merveilleuse de connaître. Brave copain, à tout jamais. Merci.




De hemel spleet niet open, er weerklonken geen donderslagen en er greep geen zonsverduistering plaats. In groepjes en sommigen alleen, zo druppelden de dorpelingen na een tijdje weg, naar hun huizen vlakbij. De familie en vrienden begaven zich naar Fernand's huis, nu dat van Fatima, waar we gingen nakaarten zoals dat bij sterfgevallen gaat. Eén van de oorzaken van de vertraging en verwarring bij de plechtigheid van zoëven was de late aankomst van Fatima's ouders geweest. In feite wilden ze niet komen omdat crematie tegen hun godsdienst (islam) indruist. Op de bijeenkomst later hielden ze zich ook afzijdig, ditmaal omdat er, uiteraard, alcohol gebruikt werd, als je dan bedenkt dat die mensen toch al twintig jaar of meer in Frankrijk woonden, tja. Wij die van ideologie naar antropologie geëvolueerd zijn gaan toch vaak iets coulanter om met cultuurverschillen van dien aard. Natuurlijk, het cultuurrelativisme van sommigen die dan ook maar ineens akkoord menen te kunnen gaan met abominaties als vrouwenbesnijdeniss e.d. moet uit den boze zijn. Maar daar betreft het dan ook een misdaad tegen de menselijkheid terwijl doden begraven, verbranden of wat weet ik al, onschuldige culturele uitingen zijn. In elk geval werden er zoals dat altijd gaat vele herinneringen aan Fernand opgehaald, er werd geweend en gelachen, wat muziek gespeeld en vanuit de lucht moet het een beetje geleken hebben op het klassieke slotprentje van een Asterix-album (gelukkig hing ik als poëet niet vastgebonden in een boom). Meer noordelijk zouden we binnengezeten hebben en was Madam Pheip of Madam Nero met wafels rondgegaan, maar hier in de Provençaalse zonsondergang hielden we het bij wijn onder de olijfbomen.


2000 - 2011

vrijdag 10 juni 2011

Longing

Flowers of sad evil
blooming in the field
this ain’t the time to cavil
let’s just see what it’ll yield

      All the hope may long have gone
      still the longing does go on

Televison, propaganda
and the fruits of wine and beer
forgetfullness is the full knowledge
the seeing why we’re here

       refr.


1994

Confusion


Yes your will’s going wild
Can’t stop being a child
Full of hate for its fate
And the reign of mom and dad
Yes you want what they had


        Men kill themselves on drunken trips
       women do it in relationships
       we’re all the same
       it’s just a game
       all the ruses
       of excitement and illusion
       all the fuses
       that we blow in our confusion

Yes minds go astray
At the end of the day
They lose track and go back
To a place of their own
Where they can feel alone    

Where they remember
The fire and its embers
The fashion of passion
But they get lost in thought
And their love comes to naught

     refr.



1996